Bermuda Bowl 1993 (deel 1)
In 1993 werd het Nederlandse Open Team voor het eerst wereldkampioen. Het team bestond uit Enri Leufkens, Berry Westra, Bauke Muller, Wubbo de Boer, Jan Westerhof en Piet Jansen. De technische staf bestond uit Jaap Trouwborst en Erik Kirchhoff. De WK werden gespeeld in Santiago, de hoofdstad van Chili. In de finale trof Nederland Noorwegen, die in de halve finale door flinke winst op het laatste spel (!) de Brazilianen aan de kant had gezet, terwijl de Nederlanders van Amerika hadden gewonnen. Het Noorse team bestond uit Glenn Grøtheim, Terje Aa, Arild Rasmussen, Geir Helgemo, Jon Sveindal, en Tor Helness.
Op de vuegraph was te zien dat niet de Nederlanders maar de Amerikanen gewonnen hadden. Gelukkig was onze non-playing captain Jaap Trouwborst bij de pinken en had de score goed bijgehouden; Nederland won de halve finale met 202-199 imps.
Tijdens zo´n finale hoop je op een rustig begin (spel is een halve slag gedraaid):
PROBLEEM 1

Piet Jansen opende als Zuid in de eerste hand met niemand kwetsbaar 1 en dit biedverloop volgde:

Ben je het eens met 3 en bied je nu nog iets, of ben je bang dat je ze naar een maakbare manche zult tillen? De oplossing vind je onderaan.
PROBLEEM 2
De buren zijn kwetsbaar en je zit in de eerste hand met:


Je hebt ongetwijfeld afgesproken wat 4 betekent: 3SA voorbij, dus een onregelmatig spel met toch wel minstens een vijfkaart klaveren mee? Neem je uit, of denk je dat er een goede kans is op vier slagen voor de verdediging tegen 4
?
PROBLEEM 3

Er wordt een sterke SA voor je geopend en je hebt afgesproken dat 2 nu hartens belooft, of 5+ ruitens met 4+ schoppens. Je ruitenkleur is om te janken, maar je hebt er wel zes. Is dit bezit genoeg om te storen of ben je bang dat het fout afloopt?
OPLOSSING PROBLEEM 1

Misschien had je zelf een rondje eerder al 3SA durven bieden, maar Piet deed dat in de rebound. Groetheim (West) doubleerde omdat hij dacht dat het geen 3SA was en kreeg gelijk; het was 4SA (!) en de tactische benadering van Jansen leverde Nederland al direct op het eerste spel 6 imps op. Die mag jij ook bijschrijven als je in tweede instantie 3SA bood.
OPLOSSING PROBLEEM 2

Aan beide tafels werd gepast op 4 terwijl 5
een bijzonder goede uitnemer is die maar één down zal gaan (tenzij je
V voorspeelt om de secce boer te willen pinnen, dan ben je 2 down). Heb je gered dan heb je zojuist 11 imps verdiend.
OPLOSSING PROBLEEM 3

Glenn Groetheim vond zijn hand een 2 volgbod waard. Wubbo de Boer (West) doubleerde en dat vond iedereen een goed idee. Noord waarschijnlijk niet, maar die kon toch echt niks anders dan pas bieden. Na de ongelukkige uitkomst van
A ging het contract nog steeds 3 down voor 800 punten. Aan de andere tafel had Leufkens geen gereedschap om deze hand te bieden, dus paste hij. De Noren kwamen in 3SA en maakten 11 slagen. Kleine winst is ook winst; 4 imps voor NL.